SCHREURS GROEP

ECLI:NL:HR:2017:240 Overtreding Zorgplicht Wet bodembescherming [CLONE] [CLONE] [CLONE] [CLONE] [CLONE]

[Contact us for a price]
 

Description

Rechtspraak.nl - Print uitspraak

Daderschap rechtspersoon opzettelijke overtreding zorgplicht ex art. 13 Wet bodemscherming. Bewezenverklaard is o.a. dat de rechtspersoon opzettelijk in en rondom de fundering(svakken) een partij (met PCB's) verontreinigde grond heeft aangebracht, waarbij stoffen (PCB's) die de bodem kunnen verontreinigen of aantasten, op of in de bodem worden gebracht, en niet aan de zorgplicht ex art. 13 Wet bodembescherming heeft voldaan. Middel betreft de bewijsmotivering: het Hof heeft de bewezenverklaring van het opzet in de kern slechts ontleend aan de omstandigheid dat X., in dienst bij verdachte als projectleider, “niet af [had] mogen gaan op de mededeling van Y. dat de grond wel had mogen worden toegepast”. HR: blijkens de bewijsvoering was X. in de in de bewezenverklaring vermelde periode ervan op de hoogte dat de tijdens het ontgraven van de bouwput verwijderde en in depot geplaatste hoeveelheid grond was vervuild met PCB's en volgens Z. diende te worden afgevoerd. In die bewijsvoering ligt voorts besloten dat verdachte geen eigen/nader onderzoek heeft verricht of laten verrichten naar de effecten van het toepassen van die grond of anderszins maatregelen heeft getroffen ter voorkoming van aantasting of vervuiling van de bodem. Gelet hierop getuigt het oordeel van het Hof dat de enkele mededeling van Y. aan X. dat de in depot geplaatste grond wel mocht worden gebruikt, niet in de weg staat aan het aannemen van opzet bij verdachte, niet van een onjuiste rechtsopvatting en is dit toereikend gemotiveerd. Opmerking verdient dat art. 36.3 Besluit bodemkwaliteit niet afdoet aan de hier bewezenverklaarde, in art. 13 Wet bodembescherming geformuleerde zorgplicht. CAG: anders.

Attachments

stcrt-2017-24681.pdf (stcrt-2017-24681.pdf, 2,688 Kb) [Download]